N.E.C. Nijmegen speelde vanuit een 1-3-2-4-1 in balbezit en drukvol met man-tegen-man pressing. AZ had zich daarop ingesteld en hun 1-4-2-3-1-achtige basisformatie veranderd in een soort 1-4-2-2, waarbij Parrot en Daal de voorste linie vormden. AZ’s idee voor lange ballen tegen Nijmegens klassieke 1-1-pressing waren dwars- en diepteloopbewegingen tegen Nijmegens driemansdefensie, om maximaal veel verdedigers van Nijmegen te binden en vrije ruimtes naast en voor de laatste linie maximaal groot te maken.